Waarom stadsverwarming de energietransitie blokkeert.

Utrechts onderzoek (W/E adviseurs – Energiekosten Leidsche Rijn Utrecht, vergelijking gas en stadsverwarming) komt tot de volgende conclusies; “Voor een ‘prijsbewuste’ consument liggen de kosten voor een gas woning 300 euro lager dan wanneer wordt gerekend met kentallen uit de Warmtewet” en “dat ‘prijsbewuste’ gas woningen per jaar ongeveer 110 euro goedkoper uit kunnen zijn dan warmtewoningen”. Het betreffende onderzoek is gedaan in opdracht van de gemeente Utrecht. 

Voor mij zijn hier twee ernstige problemen zichtbaar die de energietransitie schade toebrengen;

Ten eerste feiten zoals deze gebruikt worden voor de energietransitie. Veel te vaak lees ik een verkeerde voorstelling van zaken. Zo denken Nederlanders dat 39% van de opgewekte energie duurzaam is terwijl dit gemiddeld slechts 5.9% is. Een fors gedeelte daarvan met twijfelachtige biomassa in kolencentrales. Dit is nauwelijks voldoende om de groeiende vraag naar elektriciteit bij te houden. Elektriciteit kan duurzaam opgewekt worden, maar kolen zijn dat niet. Daarom is dit geen bijdrage aan een betere toekomst. Dat er een keuze voor een warmtenet gemaakt wordt op basis van onjuiste feiten is een kwalijke zaak en zal het wantrouwen en de weerstand tegen echte duurzame maatregelen doen groeien.

Ten tweede zijn voorgestelde oplossingen en in het bijzonder stadswarmte hooguit onderdelen van de energietransitie. Naast zon- en windenergie moet er ook opslag zijn en mogelijkheden om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen. Ik ben helemaal voor zon en windenergie, echter, de huidige salderingsregeling maakt de opslag van energie financieel tot tenminste 2023 niet interessant. Dat betekend dat de doorontwikkeling van opslag in Nederland nagenoeg stilstaat. Door deze ‘virtuele opslag’ worden de kolencentrales interessanter omdat je gebruik maakt van de bestaande opwekcapaciteit als je niet produceert. Dat er in de zomer veel meer zonnestroom geproduceerd wordt is bekend, helaas wordt in de winter veel meer stroom geconsumeerd deze scheve verdeling drijft de prijs op. Wat bijna niemand doorheeft is dat sinds de jaren negentig het minder is gaan waaien, waardoor windmolens minder produceren. Zo zijn er nog meer voorbeelden te vinden die de huidige oplossingen beperken in waarde voor de energietransitie.

Terug naar het onderzoek; stadswarmte is niet per definitie duurzaam en blijkbaar niet financieel aantrekkelijk voor eindgebruikers. Dat de ACM de prijzen dicteert en dat traditionele energieleveranciers de facturatie regelen voorspelt ook niet veel goeds. Daarnaast is, zoals bijvoorbeeld in Rotterdam, de afvang van “vieze” restwarmte uit de haven om huizen te verwarmen geen oplossing voor vervuilende productieprocessen. Door afvang door stadswarmte worden bedrijven juist  beloond voor vervuiling. 

Ondanks dat lokale warmtenetten een goed idee lijken, krijgen burgers geen controle of verantwoordelijkheid voor hun warmte gebruik. Netbeheerders en energieleveranciers zien hier namelijk een nieuw verdienmodel. Er is daarbij geen enkel incentive om minder warmte te gaan gebruiken, integendeel. Zoals uit het onderzoek in Utrecht blijkt betalen gebruikers teveel, kunnen ze niet switchen en zijn gebruikers overgeleverd aan de grillen van de lokale warmteleverancier en het door de Nederlandse overheid gestelde prijsbeleid. Dat is een slechte zaak.

Met de verdwijning van verplichte gasaansluitingen is het onzinnig verplicht over te gaan op stadswarmte. De energietransitie zal slagen als energiegebruikers een keuze hebben om duurzaam te leven en dus zelf betrokken zijn. Daar hoort een keuze op het gebied van warmte ook bij. Het maken van keuzes kan en moet financieel gestuurd worden, zodat energiegebruikers, zoals jij en ik,  bewust zijn van wat de impact van onze gedragingen is. Het valt namelijk te verwachten dat als wij ons thuis energie-verantwoord zullen gedragen wij dit overal doen. Dan pas zal de energietransitie slagen. 

Richard van Ravenstein

www.efficiator.nl